· Laatste kans, buitenkans!
· We missen Koert, maar niet voor niets
 
Over Tivoli gaan we kort zijn, over Koert iets minder kort.
 
· Laatste kans, buitenkans!
 
We zeggen het nu voor het laatst: Tivoli is in aantocht. Wie nog wil boeken, moet snel zijn. Het concert is op 26 maart.
Daar komt iets bij. Voor de eerste twintig nieuwsbrieflezers die nu mailen, ligt een gratis kaartje klaar. Dus als de wiedeweerga: psalmen@boekencentrum.nl. En: welkom!
Het tweede presentatieconcert, in Dordrecht, vindt plaats op 10 april 2010 en we organiseren het in samenwerking met De Hoop. Het vindt plaats in het Media en Congrescentrum van Stichting de Hoop. Voor dit concert is reserveren natuurlijk nog wel even mogelijk.
In beide gevallen geldt: aanvang 20.00 uur, zaal open 19.30 uur. Bestel op tijd want de zaalruimte en dus het aantal kaarten is beperkt.
 
· We missen Koert, maar niet voor niets
 
Een paar jaar geleden alweer moest onze hebraïcus Koert van Bekkum afhaken. Hij had natuurlijk een drukke baan, als adjunct-hoofdredacteur van het Nederlands Dagblad, maar er was meer. Hij werkte als Oudtestamenticus aan een promotiestudie. Koert is niet alleen als theoloog opgeleid in Kampen, hij deed als bijvakken ook archeologie van Israël in Groningen en Akkadisch in Leiden. Op het snijvlak van die drie: theologie, taal en archeologie, legt hij nu een dik boek neer waarop hij deze week zal promoveren.
De hoofdvraag is: kan de intocht in Israël, zoals die beschreven wordt in Jozua 9,1 – 13,7, historisch zijn geweest? Voor veel gelovige lezers is dat waarschijnlijk geen vraag maar een feit, het staat in de Bijbel immers, maar veel wetenschappers zetten er grote vraagtekens bij. Volgens hen begint de historisch betrouwbare overlevering uit het Hebreeuwse testament op zijn vroegst in de koningentijd. Waarbij wat hen betreft nog maar de vraag is of David wel een koning was. Volgens sommigen (‘minimalisten’ worden deze wetenschappers genoemd) was hij – als hij bestaan heeft – niet veel meer dan een bendeleider. David, bij wie ons hele psalmenteam in overdrachtelijke zin op de knie zit, hooguit een bendeleider!
Nu vormen extremisten uit de aard hunner zaak altijd een kleine minderheid, maar aan de andere kant is het in de wetenschap nog altijd zo geregeld dat je met tegenargumenten moet komen. En hoe verder terug in de geschiedenis, hoe schaarser het bewijsmateriaal. Het is dus best een waagstuk dat Koert nóg een stap verder terug gaat in de Bijbelse overlevering, en een proefschrift wijdt aan de vraag of de intocht in Israël onder Jozua wel historisch is. Het komt wat krampachtig over als je stelt dat David een mythische figuur was die niet echt bestaan heeft, en het zijn dan ook slechts de extreme minimalisten die dat beweren. Maar over de intocht zijn wetenschappers het in grote lijnen wél eens: die heeft in elk geval nooit zó plaatsgevonden als de Bijbel hem beschrijft.
Koert begint zijn dissertatie met een prachtig hoofdstuk, waarin hij uit de doeken doet hoe wetenschappers beïnvloed worden door de wetenschappelijke theorieën van hun tijd. Hij analyseert drie modellen die wetenschappers hebben ontwikkeld voor een kolonisatie van Israël, en concludeert dat ze alledrie niet voldoen, omdat ze proberen de Bijbeltekst buiten de deur te houden (ik hoop dat Koert me een tamelijk duizelingwekkende vereenvoudiging van zijn Engelstalige hooggeleerde tekst wil vergeven). Aan de andere kant voldoet uitgaan van de letterlijke overlevering in de Bijbel net zo min. Er zijn aantoonbare conflicten tussen Bijbeltekst en archeologie. Maar als je de bedoeling van de Bijbeltekst incalculeert kom je al een stuk verder. Volgens Koert is het boek Jozua geschreven in de tijd van of vlak na koning Salomo, en zijn bepaalde gebieden die in Jozua getypeerd worden als ‘nog niet veroverd’ niet toevallig precies gebieden die onder David als vazalstaten aan Israël zijn toegevoegd. Er is dan geen ‘onhistorische’ tekst, maar juist een tekst die geschreven is in de historische werkelijkheid van vier eeuwen na de verovering.
Die verovering op zich is prima met de archeologische feiten te verenigen, betoogt Koert. Archeologen hebben uit de zogenaamde IJzer I periode (de 13e eeuw voor Christus) tal van nieuwe nederzettingen gevonden, vooral in het bergland van Israël. Je kunt wel allerlei buitenbijbelse speculaties loslaten op die kolonisatie, maar het is toch tamelijk raar als je de Bijbelse overlevering krampachtig buiten beschouwing laat. Kortom: je boekt ook als archeoloog in Israël de meest vruchtbare resultaten als je het veldonderzoek en de beschikbare schriftelijke bronnen met elkaar in gesprek weet te houden.
We feliciteren Koert alvast vanaf deze plek met zijn promotie. En we beloven jou, lezer, plechtig dat we aan hem zullen trekken en sleuren om hem weer bij ons project binnen te halen. Maar verwacht er niet te veel van. Zijn rust (rust is voor een journalist overigens een betrekkelijk begrip) is welverdiend, die zal hij wel willen koesteren. Die rust is hem gegund.
 
 
Tot Tivoli!
Rien.

 

Navigatie